Menu

Documenten

Document R-1557-14-302-57v

Gherit zoon van wijlen Gherit Reijnen weduwnaar van Willem suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Jan van Spaendonck, legitime et hereditarie supportavit (heeft wettelijk en erfelijk overgegeven) aan Daniel zoon van wijlen Gherart Hermans als man en momber van Katherina suae uxoris (zijn huisvrouw) en aan Cornelis zoon van wijlen Cornelis sBeren als man en momber van Jenneke zijn huisvrouw, dochters van Gherit zoon van wijlen Gherit Reijnen voors, met afgaan etc, zijn vruchtgebruik en al het recht vanwege vruchtgebruik, dat hij had en bezat in twee vijfde delen van een stede te weten in en van een huis, hof en schuur genaamd d'Oude Huisinge met de grond en toebehoren en in de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, samen en in het geheel zeventien en een halve lopensaet en een vierdevaetsaet of daar omtrent groot zijnde, of zo groot en klein als deze erfenis gelegen is in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) die Heijdsijde theijnden t'Creijenven in die Postelstraet tussen:
erfenis van Jan Jan Sijmons met meer anderen een zijde
erfenis van Peter Gherit Gherit Reijnen eertijds van Peter Anthonis Meeus Otten gekocht een einde hoedende verder rondom aan de gemeijnt en de gemeijn straat.
Daartoe ook zijn vruchtgebruik en recht van vruchtgebruik in twee vijfde delen int Nijeuwe Huijs, staande op dezelfde stede en erfenis voors ut dicebat (zoals hij zeide).
Hij heeft beloofd als hoofdelijke schuldenaar op zich en op al zijn goederen, hebbende en verkrijgende, dit overgeven, opdragen, afgaan en vertijen voors altijd vast en stendig etc en vanwege vruchtgebruik daar nooit meer aanspraak op te maken of te laten maken etc en alle kommer en calangies van zijnentwege daarop komende allemaal voor hem af te doen.
Datum de vijfde maart, schepenen Meijnaerts en Reijnbouts.

Bekend zij aan eenieder, dat gekomen en gestaan zijn geweest voor schepenen ondergeschreven Peter Gherit Gherit Reijnen als man en momber van Cornelia suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Adriaen Michiel Roelofs aan de ene zijde en Daniel zoon van wijlen Gherart Hermans als man en momber van Katherina suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van Gherit zoon van wijlen Gherit Reijnen voornoemd aan de andere zijde en ze hebben een zekere erfruil en erfwisseling gedaan en gemaakt van zekere erfenissen en erfgoederen, die hun in de naam van hun beider huisvrouwen voornoemd aangekomen en verstorven waren van hun ouders, zoals hierna volgt.
Tengevolge hiervan zal de voors Peter van de voors Daniel in de naam als voor hebben, houden en erfelijk bezitten het vijfde deel, dat aan Daniel voors toebehoort, in een stede, te weten in een huis, hof en schuur genaamd d'Oude Huisinge met de grond en toebehoren en in de erfenis daaraan liggende en daartoe behorende, samen en in het geheel groot ca. zeventien en een halve lopensaet en een vierdevaetsaet of zo groot en klein als dat gelegen is in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) die Heijdsijde theijnden tCreijenven in die Postelstraet tussen:
erfenis van Jan Jan Sijmons met meer anderen een zijde
erfenis van Peter Gherit Gherit Reijnen voornoemd, destijds gekocht van Peter Anthonis Meeus Otten zijn zwager een einde
hoedende verder rondom aan de gemeijnt en de gemeijn straat.
Daartoe het vijfde deel, dezelfde toebehorende, in het nijeuwe huijs staande op dezelfde stede en erfenis voors. Nog hiertoe zal de voors Peter van de voors Daniel hebben en bezitten een stuk land groot ca drie en een halve lopensaet min twee en een halve roede gelegen in de parochie en ter plaatse voornoemd, dat deze Daniel voors in de naam als voor destijds in de deling, tegen zijn mede erfgenamen van Gherit Gherit Reijnen voornoemd gedaan, o.a. ten deel gevallen was, gelegen aldaar tussen:
erfenis van Cornelis Cornelis sBeren, hem in dezelfde erfdeling voor aangeroerd toebedeeld en met de voornoemde Peter heden verruild een zijde
erfenis van Peter Gherit Gherit Reijnen voornoemd, destijds van Jan Dionijs Crillaerts zijn zwager gekocht ander zijde
de gemeijn straat een einde
erfenis van Cornelis Cornelis sBeren voors, in de voors erfdeling verkregen en met Peter voors verruild, met nog anderen ander einde
ut dicebat (zoals hij zeide).
Op welk vijfde deel van het huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en van de erfenis daaraan liggende, in het Nijeuwe Huijs en ook op de drie en een halve lopensaet min twee en een halve roede land voors Daniel voors als man en momber van zijn huisvrouw voors. vertegen heeft ten behoeve van Peter Gherit Gherit Reijnen voors met overgeven en afgaan zoals dat gewoonte is, gelovende als hoofdelijke schuldenaar super se et bona sua (op zich en zijn goederen) etc voor Peter voors het voors vijfde deel in het huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende en in het Nijeuwe Huijs en ook de voors drie en een halve lopensaet min twee en een halve roede land voors te vrijwaren more solito (zoals gebruikelijk), behalve dat Peter voors daaruit moet gelden het vijfde deel in negentien lopen rogge erfpacht, te betalen deels aan Jan Melis van Loon en deels aan IJke weduwe van Aerdt Aerdt Sterts. Nog in een half mud rogge erfpacht aan Kathelijn weduwe van Willem Wouter Jacops te betalen. Item nog het vijfde deel in drie en een halve stuiver en een oirtstuiver erfcijns aan de nakomelingen van wijlen Lucas van Amerzoijen te betalen en in een halve stuiver en een oirtstuiver erfcijns, te betalen aan de Heer van Tilburg. Verder beloofde Daniel voors deze erfruil en dit vertijen, overgeven en afgaan voors altijd vast en stendig te houden en etc en alle andere kommer en calangies, daar meer op komende, allemaal voor hem af te doen.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Hiertegen zal de voors Daniel van de voors Peter in de naam als voor hebben, houden en erfelijk bezitten een schuur met de grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende en daartoe behorende in alle grootte als die gelegen is in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) aen die Hasselt, aldaar tussen:
erfenis van Cornelis Cornelis sBeren ook bij erfruil van de voornoemde Peter heden verkregen een zijde
erfenis van Jan Cornelis Wouters ander zijde
de gemeijn straat een einde
erfenis van Cornelis Wouter Jan Wouters ander einde.
Nog hiertoe een stuk land in alle grootte als het gelegen is in de parochie en plaats voors in die Tetenbraeck, aldaar tussen:
erfenis van Cornelis Cornelis sBeren ook in erfruil van de voornoemde Peter heden verkregen een zijde
erfenis van Henrick Cornelis Heijnen cum pueris (met zijn kinderen) ander zijde
erfenis van Marie weduwe van Jan Daniel van Boerden met haar kinderen een einde
erfenis van Marie weduwe van Peter Jan Adriaen Smolders cum pueris (met haar kinderen) ander einde.
Nog hiertoe een stukje erf tot een drieske liggende gelegen aldaar tussen:
erfenis van Jan Cornelis Wouters een zijde en een einde
erfenis van Marie weduwe van Jan Daniel van Boerden met haar kinderen ander zijde
erfenis van Daniel Gherit Hermans, hem tevoren toebehorende ander einde
ut dicebant (zoals ze zeiden).
Op welke schuur met de grond en toebehoren, op het stuk land en op het stukje erf voors Peter voornoemd als man en momber van zijn huisvrouw voors vertegen heeft ten behoeve van Daniel voors met overgeven en afgaan zoals dat gewoonte is, gelovende als hoofdelijk schuldenaar super se et bona sua (op zich en zijn goederen) etc aan Daniel voors deze schuur met de grond en toebehoren en erfenis daaraan liggende voors met het stuk land en het stukje erf voors te vrijwaren more solito (zoals gebruikelijk) behalve dat Daniel voors daaruit moet gelden de helft in een erfpacht van tien en en halve lopen rogge uit een erfpacht van een en twintig lopen rogge in de maat en te leveren waar men die moet leveren, te betalen aan Jan van Ghierl en Heijlwich weduwe van Adriaen Michiel Roelofs te laten volgen jaarlijks de helft van het fruit, dat daar jaarlijks zal groeien en de fruitbomen aldaar staande niet te verminderen gedurende haar leven, naar inhoud van de brieven, die haar daarvan verleend zijn. Item Henrick Cornelis Heijnen te laten wegen naar ca. een lopensaet land in de Tetenbraeck en hij moet 'sHeren schouwen van een arm van een waterlaat aldaar lopende onderhouden naar oude gewoonte. Peter voornoemd doet verder gelofte deze erfruil en dit vertijen, overgeven en afgaan voors altijd vast en stendig te houden en in zijn naam te doen etc en alle andere kommer en calangies daar meer op komende allemaal voor hem af te doen.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Bekend zij aan eenieder, dat gekomen en gestaan zijn voor schepenen ondergeschreven Peter Gherit Gherit Reijnen als man en momber van Cornelia suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Adriaen Michiel Roelofs aan de ene zijde en Cornelis zoon van wijlen Cornelis sBeren als man en momber van Jenneke suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van Gherit zoon van wijlen Gherit Reijnen voornoemd aan de andere zijde en ze hebben van zekere erfenissen en erfgoederen, hun in de naam van de ouders van hun beider huisvrouwen voornoemd aangekomen en verstorven zijnde, een zekere erfdeling en erfruil gedaan en gemaakt zoals hierna volgt.
Tengevolge hiervan zal de voors Peter van de voors Cornelis in de naam als voor hebben, houden en erfelijk bezitten het vijfde deel aan Cornelis voors toebehorende in een stede, te weten in een huis, hof en schuur genaamd d'Oude Huijsinge met de grond etc op de wijze zoals dat voor in de erfruil tussen de voors Peter en Daniel Gherart Hermans gezegd en gedaan is, mede ook in het Nijeuwe Huijs ut ibi (zoals aldaar). Nog hiertoe zal de voornoemde Peter van de voors Cornelis hebben en bezitten alle alzulke drie en een halve lopensaet min twee en een halve roede land, dat deze Cornelis in de naam als voor in de deling met zijn mede erfgenamen van Gherit zoon van wijlen Gherit Reijnen voornoemd, destijds gedaan, onder andere ten deel gevallen waren in twee percelen, die, elkaar rakende met een hoek, aan elkaar liggen, gelegen in de parochie en ter plaatse voornoemd, aldaar tussen:
erfenis van Dingen weduwe van Gherit Henrick Beijkens met haar kinderen een zijde
en met nog meer anderen aan een einde
erfenis van Daniel Gherit Hermans en met de voornoemde Peter heden ten dage ook verruild, tevens ook de voornoemde Dingen met haar kinderen ander zijde
de gemeijn straat ander einde
ut dicebant (zoals ze zeiden). Op welk vijfde deel van het huis, hof, schuur met de grond en toebehoren en van de erfenis daaraan liggende voors. en van het Nijeuwe Huijs en ook op de drie en een halve lopensaet min twee en een halve roede land voors Cornelis voors vertegen heeft ten behoeve van Peter Gherit Gherit Reijnen voors, met overgeven en afgaan zoals dat gewoonte is, gelovende als hoofdelijk schuldenaar super se et bona sua (op zich en zijn goederen) etc voor Peter voors het voors vijfde deel van het huis, hof, schuur met de grond en toebehoren, erfenis daaraan liggende, van het Nijeuwe Huijs voors en ook de voors drie en een halve lopensaet min twee en een halve roede land voors te vrijwaren more solito (zoals gebruikelijk), behalve dat Peter voors daaruit moet gelden het vijfde deel in negentien lopen rogge erfpacht, deels te betalen aan Jan Melis van Loon en deels aan IJke de weduwe van Aerdt Aerdt Sterts met haar kinderen. Nog in een half mud rogge erfpacht te betalen aan Kathelijn de weduwe van Willem Wouter Jacops. Item het vijfde deel van drie en een halve stuiver en een oirtstuiver erfcijns te betalen aan de nakomelingen van Lucas van Amerzoijen en in een halve stuiver en een oirtstuiver erfcijns te betalen aan de Heer van Tilburg. Cornelis voornoemd beloofde verder deze erfruil en dit vertijen, overgeven en afgaan voors altijd vast en stendig te houden etc en alle andere kommer en calangies, daar meer op komende, allemaal af etc.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Hiertegen zal Cornelis voors van de voornoemde Peter in de naam als voor hebben, houden en erfelijk bezitten bezitten een stuk erf in weide en land liggende in alle grootte zoals dat gelegen is in de parochie van Tilburg ad locum dictum (ter plaatse genaamd) aen die Hasselt, aldaar tussen:
erfenis van Daniel Gherit Hermans, ook in erfruil van de voornoemde Peter heden ten dage verkregen een zijde
erfenis van Cornelis Wouters en van de Heilige Geest van Tilburg ander zijde
de gemeijn straat een einde erfenis van de voornoemde Cornelis Wouters ander einde.
Nog hiertoe een stuk land in alle grootte zoals het gelegen is in de parochie voors ad locum dictum (ter plaatse genaamd) in die Tetenbraeck aldaar tussen:
erfenis van Jan Cornelis Wouters een zijde erfenis van Daniel Gherit Hermans voornoemd, ook in erfruil van de voors Peter heden ten dage verkregen ander zijde
erfenis van Marie weduwe van Jan Daniel van Boerden met haar kinderen een einde
erfenis van Marie weduwe van Peter Jan Ariaen Smolders met haar kinderen ander einde
ut dicebant (zoals ze zeiden).
Op welk stuk erf en stuk land voors Peter voornoemd als man en momber van zijn huisvrouw voors vertegen heeft ten behoeve van Cornelis voorschr. met overgeven en afgaan zoals dat gewoonte is, gelovende als hoofdelijk schuldenaar super se et bona sua warandiam more solito (op zich en zijn goederen etc vrijwaring te geven zoals gebruikelijk), behalve dat Cornelis voors daaruit moet gelden de helft in tien en een halve lopen rogge erfpacht in een erfpacht van een en twintig lopen rogge in de maat en te leveren, waar men die moet leveren, te betalen aan Jan van Ghierl, en aan Heijlwig weduwe van Adriaen Michiel Roelofs te laten volgen jaarlijks de helft in het fruit dat op het stuk erf voors jaarlijks zal groeien en de ooftbomen, die aldaar staan gedurende haar leven niet te verminderen, volgens inhoud der brieven daarvan verleend.
Item Henrick Cornelis Heijnen te laten wegen naar ongeveer een lopensaet land in de Tetenbraeck voors en 'sHeren schouwen van een arm van een waterlaat daar lopende te onderhouden naar oude gewoonte. Peter voors beloofde verder nog deze erfruil en dit vertijen, overgeven en afgaan voors altijd vast en stendig te houden etc en alle andere kommer en calangies, die daar meer op komen, allemaal voor hem af te doen.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Daniel zoon van wijlen Gherit Hermans heeft gelofte gedaan als hoofdelijk schuldenaar aan Peter Gherit Gherit Reijnen zijn zwager te gelden, te geven en wel te betalen een jaarlijkse lijfpacht van achttien lopen rogge, het leven van Gherit Gherit Reijnen voors durende en niet langer, elk jaar te vergelden op Onze Lieve Vrouwe Boodschap, de vijf en twintigste dag van maart, dus zo maakte de voors Daniel bekend, dat van deze lijfpacht voors nu ter tijd verschenen en vervallen zijn drie pachten en dat de vierde verschijnen zal op Onze Lieve Vrouwe Boodschap, de vijf en twintigste maart a.s. van welke drie verschenen pachten hij aan Daniel voors beloofde en bij deze belooft die twee pachten daarvan te betalen met oogst nu a.s. en de derde met kerstmis daarna en dat uit, op en van alle erfelijke goederen, die Daniel voors heden ten dage tegen de voors Peter in erfruil verkregen heeft, gelegen in de parochie van Tilburg aen die Hasselt in alle grootte zoals die daar gelegen zijn ut dicebat et promisit warandiam more solitro (zoals hij zeide en hij heeft vrijwaring beloofd zoals gebruikelijk) en de voors goederen altijd goed, zeker genoeg en van waarde te maken en te houden voor de lijfpacht vs en alle kommer en calangies daar op komende allemaal voor hem af te doen.
Datum et scabinbi ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Cornelis zoon van wijlen Cornelis sBeren heeft gelofte gedaan als hoofdelijke schuldenaar aan Peter Gherit Gherit Reijnen te gelden, te geven en wel te betalen een jaarlijkse lijfpacht van achttien lopen rogge, het leven van Gherit Gherit Reijnen voors durende en niet langer, elk jaar te vergelden op Sinte Maria Magdalena dag, die Cornelis voors bekend maakte aan Peter voors een pacht daarvan schuldig en ten achter te zijn en dat de tweede daarvan verschijnen zal op Maria Magdalena dag a.s. en dat op, uit en van alle erfelijke goederen, die Cornelis voors heden ten dage van de voors Peter in een erfruil verkregen heeft, gelegen in de parochie van Tilburg aen die Hasselt, in alle grootte als die aldaar gelegen zijn ut dicebat et promisit warandiam more solito (zoals hij zeide en hij heeft beloofd te vrijwaren zoals gebruikelijk) en de voors goederen altijd goed, zeker genoeg en van waarde te maken en te houden voor de lijfpacht voors en alle kommer en calangies daarop komende allemaal voor hem af te doen.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Bekend zij aan eenieder, dat Peter Gherit Gherit Reijnen aan de ene zijde en Daniel zoon van wijlen Gherit Hermans en Cornelis zoon van wijlen Cornelis sBeren in de naam en als mannen en mombers van hun huisvrouwen aan de andere zijde zekere verscheidene erfruilen en erfwisselingen heden ten dage gedaan en gemaakt hebben, bij welke erfruilen de voors Daniel en Cornelis elk van hen van de voors Peter ontvangen en verkregen hadden zekere erfenissen gelegen in de parochie van Tilburg aen die Hasselt, waarop Peter voors elk van hen benoemd en begroot had daaruit te gelden de helft van tien en een halve lopen rogge erfpacht in een erfpacht van een en twintig lopen rogge in de maat en te leveren, daar men die schuldig is te leveren en aan Jan van Ghierl te betalen, zoals dat breder en meer volkomen begrepen is in schepenbrieven van Tilburg, daar heden ten dage op gemaakt, daarom is gestaan voor schepenen ondergeschreven de voornoemde Peter en hij heeft beloofd als hoofdelijk schuldenaar super se et bona sua (op zich en zijn goederen) etc aan Daniel en Cornelis voors dat hij hen aangaande de leveringen van de rogge voors ten allen tijde kosteloos en schadeloos zal houden, dat is te weten wanneer de vs Daniel en Cornelis voors of hun nakomelingen de voors rogge gereed zullen hebben en dat aan Peter voors of diens nakomelingen te kennen gegeven zullen hebben, dat Peter voors en zijn nakomelingen alsdan gehouden zullen zijn op hun kosten en lasten de levering (in zoverre deze buiten Tilburg moet geleverd worden) daarvan te doen ter plaatse, daar men die schuldig zal zijn te leveren, zonder arglist.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

Bekend zij aan eenieder, dat Gherit zoon van wijlen Gherit Reijnen weduwnaar van Willem suae uxoris (zijn huisvrouw), dochter van wijlen Jan van Spaendonck heden ten dage zijn tocht en recht van tochten in twee vijfde delen in een stede, te weten in huis, hof, schuur, genaamd d'Oude Huijsinge met de grond en toebehoren en in de erfenis daaraan liggende, in het geheel zeventien en een halve lopen en een vierdevaetsaet of daaromtrent groot zijnde, gelegen in de parochie van Tilburg theijnden 't Creijenven in die Postelstraet, en ook in de twee vijfde delen in 't Nijeuwe Huijs, staande op dezelfde stede voors, overgegeven en opgedragen had aan Daniel zoon van wijlen Gherit Hermans en aan Cornelis zoon van wijlen Cornelis sBeren, zijn schoonzoons, waarbij dezelfde Daniel en Cornelis elk hun vijfde gedeelte in de stede voors en ook in het Nijeuwe Huijs voors in een erfruil overgegeven hadden aan Peter Gherit Gherit Reijnen, hun zwager, zoals dat breder en meer volkomen in verscheidene schepenbrieven van Tilburg, daar op gemaakt, is begrepen, zo is gestaan voor schepenen ondergeschreven de voors Peter en hij heeft aan de voors Gherit zijn vader wederom gegeven en er in toegestemd dat hij zal hebben, houden en in tocht bezitten deze zelfde twee vijfde gedeelten in de Oude Stede en ook in de Nijeuwe Stede voors op alle manieren, zoals hij die tevoren bezat, niettegenstaande, dat hij van zijn vruchtgebruik daarin afstand gedaan had, zonder arglist.
Datum et scabini ut supra. (Datum en schepenen als boven).

1557, maart 5

Bewerkt door: J.R.O.Trommelen



Facebook    Twitter    Google+    Zoeken    Mail

Website: De Hasselt voor 1832