Menu

Documenten

Document R-1773-115-98-55

In den name Godes Amen.
Compareerde voor mij Cornelis Bles notaris openbaar bij den Edele Mogende Rade van Brabandt in s'Gravenhage geadmitteert binne de Heerlijkhijd Tilborg residerende ter presentie van de getuijgens na genoemt, de heer Johannes Piter van Spaandocq en juffr. Cornelia Hendrik Becx egte huwlijkse luijden woonagtig alhier mij notaris bekent, zijnde gezond van lighamen gaande en staande, en haar memorie en sinnen volkomen magtig en gebruijkende, soo opentlijk bleek, welke verclaarde in agt te neme de sekerhijd des doods, en de onsekere uure van dien, niet van intentie te wesen uijt dit leven te scheijden sonder van de goederen, haar op deese wereld verleent bij deese te hebbe gediponeert, het selve doende, soo zij verclaarden, uijt haer eijge vrije wille, sonder imands opmakinge off misleijdinge, bevelende alvorens haare ziele in de genade en barmhertighijd van God almagtig haren schepper en zaligmaker, en hare doode lighamen de aarde met een eerlijke begraaffenis, revoceerende, casserende dood ende te niet doende alle sodanige testamenten, codicillen, en makingen, als zij voor dato deses het zij mutuelijk of affsonderlijk, zoude moge hebbe gemaakt, en speciaal sodanige mutuele dispositie testamentair als zij comparanten hebben opgeregt en gepasseert voor den notaris Johan Adriaan van Meurs en getuijgen alhier den 23e meij 1754 niet willende dat het selve nog eenige van dien in eenig poinct of deel, zullen nagekomen of agtervolgt worden, en dus van nieuws disponerende verclaren de comparanten elkanderen over ende weder, en dus de eerstervende de langstlevende van hun beijde te nomineren ende te institueren tot zijn of haar eenige algeheele en universele erffgenaam ofte erffgename en zulcx in alle de goederen, soo erffelijke, erffhaaffelijke, als gereede goederen, leene en alodiale (: gebruijkende tot de leenen de ... bij octroij van den souverainen Leenhove van Braband in s'Hage gegunt ende verleent:) en daar toe alle schulden actien en credieten, gene goederen ter werelt uijtgesondert waar off op wat plaatse de selve gelegen, berustende off bevonden soude mogen worden, en die door den eerstervende met de dood ontruijmt, ende nagelaten worden, onder deese mits ende conditie nogtans dat in cas den eerste comparant eerst mogte komen afflijvig te worde, als dan na doode vande tweede comparante, door hare erffgenamen, off representanten, sal moeten uijtgekeert ende voldaan worde aan de na te noemene vrienden en bloetverwanten van den eerste comparant eene somme van ses duijsent guldens, als namentlijk een derde van de selve somme, en dus eene somme van twee duijsent guldens aan de kinderen van Adriaan van Aalst en in cas van voor overleijde van een off eenige der selve de kind, kinderen off verdre wettige descendenten bij representatie, de doode met de levende hant te delen,
Item een gelijk derde van de selve somme, en dus eene somme van twee duijsent guldens aan de kinderen wijlen Johannes Peter de Cock, en in cas van voor overleijde de kind kinderen off verdre wettige descendenten bij representatie de doode met de levende hant te deelen,
En het resteerende derde gedeelte van voors: somme en dus mede eene somme van twee duijsent guldens aan de kinderen wijlen Gerardus Verbunt, en in cas van voor overleijde van een off eenige derselve, de kind, kinderen, off verdre wettige descendenten bij representatie de doode met de levende hant te deelen, en welke meergenoemde somme van ses duijsent guldens mitsdien den eerste comparant in geval als voor, en in voegen, mitsgaders om tussen hun verdeelt en geparlageert te worden gelijk bove, hij aande voorgenoemde zijne vrienden en bloedverwanten is makende ende legaterende mits desen,
Item maakt ende legateerd den eerste comparant bij aldien hij eerst mogt kome afflijvig te worde alnog aan de voorn: kinderen van Adriaan van Aalst en in cas van voor overleijde van een off eenige der selve, de kind, kinderen, off verdre descendenten bij representatie de doode met de levende hand te deelen een parceel ackerlant groot ontrent drie lopensaten gelegen binne deese Heerlijkhijd ter plaatse genaamt den Ruijter Staak tans in huure en gebruijk bij Adriaan Diels zijnde leen en leenroerig aan den heer en baron van Breda,
Item een parceel ackerlant groot ontrent vijff en een halff lopensaaten,
Item een parceel ackerlant groot ontrent twee lopensaten,
Item een parceel weijde groot ontrent vier lopensaten met nog een parceeltie, weijde groot ontrent een lopensaat, zijnde deese vier laaste parceelen alle gelegen binne deese Heerlijkhijd ter plaatse aan't Crijven tans in huure en gebruijk bij Hendrik Adraan van Hest,
Item aan de twee kinderen van Johannes Peter de Cock voorn: en in cas van voor overleijde van een of beijde der selve de kind, kinderen of verdre descendenten bij representatie de doode met de levende hant te deelen, de geregte helfte in eene steede lants bestaande in huijsingen acker en weijlanden groot in't geheel circa ses en dartig lopensaten gestaan en gelegen binnen deese Heerlijchijd ter plaatse genaamt het Goirken tans in huure en gebruijk bij Adriaan Hoevenaars,
Item aan de kinderen wijlen Gerardus Verbunt voorn: en in cas van voor overleijde van een of eenige der selve, de kind, kinderen of verdre descendenten bij representatie de doode met de levende hant te deelen, de wederhelfte in voors: steede lants bestaande in huijsingen acker ende weijlanden gelegen en in gebruijk zijnde als hier voor, in opzigte van de kinder de Cock staat gemeld, alle welcke voors: respective parceelen landerijen, weijde en huijsingen de voors: gelegateerdens in geval als voor gezegt, sullen geniten ende proffiteere te wete na doode van de tweede comparante in gevalle deselve langstlevende zij, onder deese conditie nogtans dat de kinderen wijlen Adriaan van Aalst na dat zij voors: henne legaten sullen hebbe genoten jaarlijks sullen uijtkeere voldaen ende betale aan haare muije paternel Anna Maria van Aalst eene somme van dertig guldens gedurende haar leven lang, soo mede sullen de kinderen wijlen Gerardus Verbunt gehouden zijn om jaarlijks aan hare muije paternel Piternella Verbunt uijt te keere te voldaen, ende betale eene somme van dartig guldens gedurende haar leve lang,
En ingevalle de tweede comparante voor den eerste comparant mogte kome afflijvig te worde dat als dan na doode van den eerste comparant door zijne erffgenamen off representanten aan de na te noemene vrienden en bloet verwanten van de tweede comparante insgelijks sal moete werde uijtgekeert ende voldaan als eerstelijk aan Theresia Hendrik Becx weduwe wijlen Nicolaas du Pon eene somme van vier duijsent guldens met nog een huijs, schop en erve gestaan alhier onder Tilborg ter plaatse In't Nieuwlant tans in huure en gebruijk bij Adriana Fijnenbuik, Arnoldus Lips, en Willemijntie van Ziro, en nog een parceel weijde groot twee a drie lopensaten gelegen als voor ter plaatse in den Berkdijk aan de Schaapsdijk tans in huure en gebruijk bij Cristiaan Jan Vermeer, en dit alles ter togte gedurende het leven van haar Thresia Becx, en in cas van voor overlijde en na desselfs doodt in eijgendom aan hare dogter Maria du Pon in huwelijk met Cornelis Crielaers mede in cas van voor overleijde aan hare kind, kinderen of verdre decendenten bij representatie,
Item aan Maria Hendrik Becx in huwelijk met Anthonij van Bommel eene somme van seven duijsent guldens met nog de helfte in een huijs en erve gestaen en gelege alhier aan de Kerk waar van de wederhelfte is competerende aan de gemelde Anthonij van Bommel tans in huure en gebruijk bij Adriaan Francis Becx,
en nog een parceel ackerlant groot ontrent elff lopensaten gelegen alhier ter plaatse Oerle tans in huure en gebruijk bij Jan de Beer en Mattijs Drecxlaer, en dit alles ter togte gedurende het leven van haar Maria Hendrik Becx, en in cas van voor overlijde en na desselfs doodt in eijgendom aan hare kinderen mede in cas van voor overleijde van een off enige van dien aan de kind, kinderen of verdre decendenten, bij representatie de doode met de levende hant te deelen,
alle welke voors: legaten de tweede comparante in geval als voor aan de voorn: hare vrienden en bloet verwanten is makende en legaterende mits deesen,
En off een of eenige van de hier voor genaemde gelegateerdens het zij van den eerste of van de tweede comparants zeijde sonder wettige decendent of decendenten voor den langst leevende haarder comparanten quam off quamen afflijvig te worde, soo verclaren zij comparanten haren wille en begeerte te zijn, dat soo danig part van alle sulke overleden sal kome en aensterve? op de andre gelegateerdens van die selve staak, en soo de geheele staak was uijtgestorven als dan op de gesamentlijke gelegateerdens van den andre staak of staken aan de zeijde van den eerst afflijvige haarder comparanten,
En laastelijk verclaren zij comparanten te legateren aanden H: Geest Armen deeser Heerlijkhijd Tilborg eene somme van vier hondert guldens te weten twee hondert guldens bij 't overleijde van den eerste, en twee hondert guldens bij 't overleijde van de tweede comparante,
Voorts verclaarde de comparanten aan zig te reserveren de magt om deese hunne dispositie testamentair ten allen teijde te kunne en mogen veranderen vermeerderen ofte verminderen het zij bij legaat, vermakinge, off anderzints, en tot dien op gemelde legaten aan de genaemde vrienden en bloet verwanten van de eerstervende inschelijks ten allen teijde te kunne verhoge of minoreren het zij bij brieffiens onder de kant door beijde van hun geteijkent, of voor notaris en getuijgen bij hun te samen gepasseert, willende en begerende dat alle deselve van sodanige cragt en effect sullen zijn als of hier ... woordelijks waren geinsereert,
allen het gene voors. staat verclaren de comparanten te weesen haar lieder testament laaste en uijtterste wille, begerende dat het selve volkomentlijk sal valideeren het zij als testament codicil of soo als anderzints best na regten sal kunne en moge bestaan, versoekende zij testateuren ten effecte deeses in alles het uijtterste beneficie van regten te mogen geniten.
Aldus gedaan ende gepasseert binne de Heerlijkheijd Tilborg ten woonhuijse haarder testateuren ter presentie en ten overstaan van Marcellus Mastenbroek en Lambert Pigmans als getuijgens hier toe versogt die etc. heden den drie en twintigsten april seventien hondert drie en sestig.



Facebook    Twitter    Google+    Zoeken    Mail

Website: De Hasselt voor 1832